Bron: Het Vrije Volk via Delpher
Als er ergens geen gelazer te verwachten is, dan is het volgens de hoofdcommissaris van de politie wel bij een club die leeft van oud papier. Toch ging het op zondag 9 november 1986 ook op Woudestein mis, toen de ontmoeting tussen Excelsior en FC Den Haag uitmondde in chaos. Excelsior-verzorger Toon IJzendoorn liep een hoofdwond op door een gegooid projectiel en spelers weigerden verder te spelen. Wat volgde was kritiek, verdeeldheid en een maandenlange discussie over de resterende 35 minuten.
De sfeer was al om te snijden tijdens Excelsior tegen FC Den Haag en tien minuten na rust kantelde die volledig. Toen Excelsior-verzorger Toon IJzendoorn Koos Waslander behandelde en terugliep naar de dug-out, werd hij vanuit het Haagse vak geraakt boven het rechteroor door een projectiel – naar eigen zeggen een steen of stuk hout. Hij liep daarbij een hoofdwond op, die moest worden gehecht door de clubarts.
Scheidsrechter Cees Bakker staakte de wedstrijd en na dertien minuten kwamen de spelers van FC Den Haag weer het veld op. Vijf minuten later volgde slechts een handjevol spelers van Excelsior. Vijf Kralingers weigerden verder te spelen en bleven in de kleedkamer. 22 minuten na het incident kon de scheidsrechter niets anders dan de wedstrijd staken. Na 55 minuten en 59 seconden werd er afgefloten en daarmee werd het de vierde wedstrijd sinds de oprichting van het betaald voetbal die na wanordelijkheden werd gestaakt.
‘Nog meer rotzooi’
Na overleg met de politie was het de bedoeling om de wedstrijd uit te spelen, vertelde Bakker na afloop tegen het Algemeen Dagblad. “De politie was geen voorstander van staken, omdat er mogelijk nog meer rotzooi zou komen. Dat was ook in mijn ogen de minst slechte oplossing. Maar Excelsior ging niet akkoord. Een aantal spelers, de trainer en de medische staf durfden dat niet aan.” Onder andere voorzitter Jaap Bontenbal probeerde ze nog bij te praten. “Maar ze voelden er niets meer voor. In mijn hart gaf ik ze groot gelijk.”
De aanslag op IJzendoorn stond niet op zichzelf. Voetbalgeweld was bezig aan een opmars en fans van FC Den Haag stonden bekend om hun beruchte reputatie. De chaos begon al voor de aftrap, toen een deel van de Haagse aanhang de achterwand van de tribune sloopte. In de tweede helft werden banken afgebroken en over de hekken gegooid, die het seizoen ervoor, na gedoe met dezelfde fans, nog voor enkele tienduizenden guldens waren versterkt en vernieuwd.
Vanuit hetzelfde vak was ook al een vuurwerkbom op het veld gegooid in de buurt van het doel van Lloyd Doesburg, waardoor de wedstrijd na 6 minuten en 45 seconden al een minuut stillag. Trainer Wullems snapte er niets van hoe het met 250 man politie en weken voorbereiding alsnog mis kon gaan en dat er door de ME geen cordon om de tribune werd gelegd. De politie koos ervoor af te wachten bij de ingang van het vak, om provocaties uit de weg te gaan.
Vrouw en twee kinderen
Excelsior speelde in de tweede helft, met een 0-1 achterstand, naar het vak met de Haagse supporters toe en bij het nemen van corners werden spelers al geconfronteerd met het gooien van spullen. Aanvaller Cees Schapendonk was een van de spelers die zich zodanig bedreigd voelde, dat hij weigerde verder te spelen. “Ik durfde het zestienmetergebied niet meer binnen te gaan. Ik heb thuis een vrouw en twee kinderen en die vind ik belangrijker dan voetballen”, zei hij tegen dagblad Het Vrije Volk.

Het weigeren om verder te spelen leidde tot verdeeldheid. Excelsior stelde dat de veiligheid van spelers voorop moest staan, terwijl Den Haag-trainer Pim van de Meent vond dat Excelsior reglementair punten in mindering moest krijgen. Voorzitter Dé Stoop van FC Den Haag suggereerde dat ook een Rotterdamse supporter het projectiel gegooid kon hebben, dat ‘Excelsior maar bij de amateurs’ moest spelen als de club betaald voetbal niet aankon en dat de staantribune ‘volslagen ongeschikt voor het betaalde voetbal’ is.
Ondertussen probeerde scheidsrechter Bakker, wiens keuze door de aanwezige oud-topscheidsrechter Charles Corver werd verdedigd, de gemoederen te sussen. “Ik heb de wedstrijd gestaakt, niet de spelers van Excelsior. Ik kon hun houding volledig billijken”, zei hij in het Algemeen Dagblad.
Geen gelazer
Hoofdcommissaris Johannes Albertus Blauw van de Rotterdamse politie verzocht burgemeester Bram Peper al binnen een dag om FC Den Haag voor de rest van het seizoen te weren uit zijn stad. “Mag het nog een keer zo zijn dat twee elftallen elkaar gewoon sportief kunnen bestrijden?”, vroeg hij zich hardop af. “Als er ergens geen gelazer te verwachten is, dan is het bij Excelsior, een club die leeft van oud papier.”
De Haagse club maakte er samen met de KNVB en NS direct werk van om het haar fans zo lastig mogelijk te maken om naar uitwedstrijden te reizen en verzocht de supporters om thuis te blijven. Ook voor Hotelplan, de sponsor van FC Den Haag, was de maat vol. De reisorganisatie eiste verbetermaatregelen en wilde dat de club tot aan de winterstop niet meer met hun naam op het shirt speelde.
Restant
De KNVB had weken nodig om te concluderen dat zowel Excelsior als FC Den Haag niet verantwoordelijk kon worden gehouden voor de wanordelijkheden en daardoor te besluiten wat er met de wedstrijd moest gebeuren. Uiteindelijk werd besloten het restant van de wedstrijd op een doordeweekse middag zonder publiek uit te spelen. Het verzoek van Excelsior om de wedstrijd in zijn geheel over te spelen werd uit de wind geslagen, want de bond vreesde dat clubs hier in de toekomst mogelijk misbruik van zouden maken bij problemen op de tribunes.
De resterende 35 minuten werden pas op dinsdagmiddag 28 april 1987 in het geheim uitgespeeld. Beide clubs kregen pas vijf dagen daarvoor de datum te horen, zodat de kans dat dit bij de buitenwereld bekend werd zo klein mogelijk was. Tony Morley maakte in een leeg Woudestein acht minuten voor tijd, bijna een halfjaar na zijn openingstreffer, de 0-2.
Helm
Een week na het gooien van het projectiel was verzorger Toon IJzendoorn er gewoon weer bij toen Excelsior in de beker tegen Veendam speelde. Met een vleugje humor kreeg hij rond die wedstrijd van een carnavalsvereniging uit Gouda een helm aangeboden en later schonk de Haagse sponsor hem ook nog een vakantie naar de Canarische Eilanden.
Zelf vroeg hij zich af of er eerst doden moesten vallen voor er eindelijk werd ingegrepen. In Het Vrije Volk zei hij: “Ik heb drie krammen in m’n kop. In de kleedkamer ben ik nog even neergegaan. Dat is me zelfs in de boksring niet overkomen. Ik weet echt niet waarmee ze me geraakt hebben. Het moet wel een steen zijn geweest. Ik wilde hem eerst nog terugkoppen…”
