Wanneer werd Excelsior in 2006 kampioen van de Gouden Gids Divisie? Officieel gebeurde dit op 31 maart, maar voor velen was de titel een week eerder na de overwinning bij Stormvogels Telstar al binnen. “Tijdens de gewonnen thuiswedstrijden tegen Go Ahead Eagles (2-1) en FC Eindhoven (1-0) merkte je op Woudestein de kampioenskoorts. Er kwam steeds meer publiek kijken en na de winst op Eindhoven was het aantal concurrenten geslonken van zeven naar één. Het gat met VVV-Venlo was zes punten en bovendien stonden we 23 goals voor. Dus er kon eigenlijk weinig meer misgaan”, blikt Tim den Hollander terug. “Via een TicketBox in Zoetermeer wist ik een kaartje te bemachtigen voor het uitvak voor de wedstrijd tegen Stormvogels Telstar. Als beginnend student en met de kaartverkoop van die tijd was dit de beste manier om aan een kaart te kopen. In de trein naar Haarlem en bus naar Velsen-Zuid kreeg ik vanwege mijn Excelsior-outfit wat gefronste wenkbrauwen, maar dat mocht de voorpret niet drukken.”
In een zeer goed gevuld uitvak zat de sfeer er al voor de wedstrijd goed in. De opgave was simpel: meer punten halen dan VVV en de titel was binnen. “René van Dieren bracht Excelsior snel op voorsprong en de 0-1 kwam eigenlijk niet meer in gevaar. Met de minuut werd het gezelliger omdat VVV niet van de 0-0 afkwam tegen Den Bosch. Na het laatste fluitsignaal barstte het feest los. Excelsior leek kampioen. Spelers en staf vierden ook feest voor een uitzinnig vak. De speaker van Stormvogels Telstar zette zelfs Excelsior-liederen op, maar waarschuwde tussendoor dat er nog gespeeld werd in De Koel. Hier en daar kregen fans sms’jes binnen dat het toch nog 1-0 was geworden in Limburg. Even hoopte iedereen dat het grapjassen waren, maar de speaker bevestigde het bericht. Desalniettemin bleef het gezellig in het uitvak en op het veld. Het feest was een tikkeltje minder, maar iedereen voelde: wij zijn kampioen. De spelers leken te balen dat ze niet die avond al de schaal kregen, maar leken zich net als de supporters te beseffen dat we een week later in de laatste thuiswedstrijd, uitgerekend tegen VVV, een tweede kampioensfeest konden vieren.”
In zijn herinnering leken er bij de officiële kampioenswedstrijd wel 5.000 man aanwezig op Woudestein, zegt Den Hollander. Er waren nog geen scanners voor seizoenkaarten en fans liepen meerdere keren met zakken vol seizoenkaarten naar buiten om wachtende supporters binnen te laten. “Het kon niet meer misgaan: VVV zou nooit twee keer winnen én 23 goals goedmaken en Excelsior zou al helemaal geen twee keer verliezen. Toch bracht Dirk-Jan Derksen de bezoekers op voorsprong en dat vierde hij met een treiterend dansje voor de Zuid-tribune. Woudestein moest zich een paar tellen herpakken voordat de aanvankelijke feestvreugde weer hervonden was. Desondanks sloop er hier en daar wat lichte twijfel in: we zouden toch niet, net als twee jaar geleden, weer alles vergooien?” Nog voor rust maakte Andwelé Slory gelijk op aangeven van Luigi Bruins, waarna het echt niet meer kon misgaan. Het elftal van Been hervond de vorm van de weken ervoor en dit sloeg over op de tribunes. Snel na rust benutte Damien Hertog een penalty en daarmee zat het publiek op een roze wolk. Nadat Johan Voskamp vlak voor tijd ook nog eens 3-1 maakte, bestormde een enkeling het veld al.
“Bij de supporters die het trauma van 2004 hadden meegemaakt, viel de laatste onzekerheid weg. Die maakt plaats voor een zucht van opluchting: de ballast van de verspeelde promotie in Helmond viel van de vier daken van het stadion. Iedereen snakte naar het laatste fluitsignaal van Kevin Blom en niet lang nadat dit had geklonken, stond het veld vol met uitzinnige fans, waarvan een behoorlijk deel die avond voor het eerst aanwezig was. De Zuid-tribune kleurde rood van de fakkels en kon z’n geluk niet op toen Mark Otten de schaal in ontvangst nam en Van Dieren niet veel later met een horde fans in z’n rug de schaal aan de fanatieke aanhang toonde. Het was een avond die voor je gevoel eeuwig had kunnen duren, niet wetende welke mooie avonden ons nog meer te wachten stonden.”
Dit artikel is afkomstig uit het jubileumboek ‘Voor onze club zingen we door’.
